Russisch-Georgische Oorlog
De Russisch-Georgische Oorlog was een vijf dagen durend conflict in augustus 2008, uitgevochten tussen Georgië, Rusland en de separatistische regio's Zuid-Ossetië en Abchazië, en wordt beschouwd als de eerste interstatelijke Europese oorlog van de 21e eeuw. De oorlog brak uit in de nacht van 7 op 8 augustus, toen Georgië een grondoffensief lanceerde op de Zuid-Osseetse hoofdstad Tschinvali om de "constitutionele orde" te herstellen na aanhoudende beschietingen door milities. Rusland reageerde onmiddellijk door troepen over de grens te sturen, die oprukten tot diep in Georgisch grondgebied, richting steden als Gori en Poti, en zelfs tot dichtbij de hoofdstad Tbilisi. Na bemiddeling van de toenmalige EU-voorzitter Nicolas Sarkozy werd op 12 augustus een staakt-het-vuren gesloten, dat op 8 september werd uitgewerkt met afspraken over Russische terugtrekking en de inzet van EU-waarnemers. Rusland erkende echter op 26 augustus de onafhankelijkheid van Zuid-Ossetië en Abchazië en heeft zich sindsdien niet aan de terugtrekkingsafspraken gehouden, waardoor de spanningen bleven bestaan. De historische wortels van het conflict liggen in de Sovjetperiode, toen Jozef Stalin de Osseten autonomie verleende binnen Georgië, wat de basis legde voor het latere separatisme.
Source: Russisch-Georgische Oorlog — Wikipedia · Summary by RollWiki AI · Language: Dutch