VOC-handelsposten Midden-Oosten
Hier is een samenvatting van het artikel in het Nederlands:
De Vereenigde Oostindische Compagnie (VOC) was in de 17e en 18e eeuw, samen met de Portugezen, de enige westerse macht die handelsposten in het Midden-Oosten bezat, waar voornamelijk parels, zijde, wol, rozenolie en wierook werden verhandeld. In Jemen was de post in Mokka (geopend in 1621) het belangrijkst, die in 1707 zelfbestuur kreeg dankzij de groeiende vraag naar koffie, maar in 1739 werd opgeheven. In Perzië (Iran) lag het hoofdkantoor eerst in Isfahan (1623-1638) en daarna in Gamron (Bandar Abbas), terwijl er ook factorijen waren in plaatsen zoals Kirman voor wol en geitenhaar. De handel werd echter vaak bemoeilijkt door politieke conflicten en concurrentie, zoals van de Portugezen in Band-e Kong, waardoor meerdere posten weer werden gesloten. Het definitieve einde kwam in 1766 toen het laatste bolwerk, Fort Mosselstein op het eiland Kareek (Kharg), door het Perzische leger werd veroverd en geplunderd, waarna de Nederlanders het gebied voorgoed verlieten. Deze gebeurtenis markeerde het einde van bijna twee eeuwen Nederlandse aanwezigheid in het Midden-Oosten.
Source: VOC-handelsposten Midden-Oosten — Wikipedia · Summary by RollWiki AI · Language: Dutch