Hallenhuisboerderij

Hallenhuisboerderij (ook wel Nederduits hallenhuis genoemd) is een verzameling historische boerderijtypen die van oudsher voorkomt in Oost- en Midden-Nederland, Noord-Duitsland, delen van Frankrijk en de zand- en lössgebieden van België. In Nederland is dit de belangrijkste groep historische boerderijen, met verspreiding over onder meer Drenthe, Overijssel, Gelderland, Brabant en Limburg. Het gaat om langgerekte, driebeukige gebouwen met centraal de 'deel' (dorsvloer) en stallen aan weerszijden, vaak met een kenmerkend ankerbalkgebint; oorspronkelijk waren ze met stro of riet gedekt en hadden ze vakwerkwanden met leem. Boven de deel lag de graanzolder voor hooi en graan, en het vee stond doorgaans met de staart naar de buitenmuur met een mestgrup. Onderzoeker Rob Hekker maakte in 1957 een indeling van de types, maar sloot de Brabantse langgevelboerderij uit, die zich juist uit het hallenhuis ontwikkelde. Het oudste bewaarde hallenhuis in Franken (Beieren) dateert uit 1367, en de ankerbalkconstructie werd vanaf de vijftiende of zestiende eeuw de meest gebruikte bouwwijze.