Federale begroting (België)

De Belgische federale begroting is een jaarlijks overzicht van de geschatte ontvangsten en uitgaven van de federale overheid, dat door de Kamer van volksvertegenwoordigers moet worden goedgekeurd en uit drie delen bestaat: de Rijksmiddelenbegroting, de Algemene Uitgavenbegroting en de Algemene Toelichting. Minister van Begroting Vincent Van Peteghem stelt deze op in samenwerking met de FOD BOSA, gebaseerd op de grondwettelijke beginselen (artikelen 170-181) en Europese stabiliteitsregels zoals de Maastrichtnormen, die een maximaal tekort van 3% van het BBP en een overheidsschuld van maximaal 60% van het BBP toestaan. De begroting is onderworpen aan kernprincipes zoals wettelijkheid, annualiteit (geldig van 1 januari tot 31 december) en specialiteit (uitgaven verdeeld over specifieke programma's), terwijl het Rekenhof waakt over overschrijdingen en overschrijvingen van budgetten. Een opvallende uitzondering is de dotatiebegroting, waarbij instellingen zoals het Federaal Parlement, de koninklijke familie en het Grondwettelijk Hof zelf beslissen over de besteding van hun kredieten. Tot slot garanderen de principes van eenheid en universaliteit één overzichtelijke begroting zonder compensaties tussen ontvangsten en uitgaven, en moet het volledige pakket uiterlijk op 31 oktober van het voorgaande jaar worden ingediend. Deze regels zorgen samen voor een transparant en controleerbaar beheer van de overheidsfinanciën.